naar top
Menu
Logo Print
26/03/2019 - STEFAN ACKE

“NOG VEEL GEBREK AAN KENNIS BIJ DE TUINAANNEMER“

Marc Galle (links) op de uitreiking van de 1.2.Tree Award op de jongste editie van Green (foto Groen Groeien)

NIET ENKEL MEER GROEN, MAAR TOTAALPAKKET

In een sector die steeds technischer wordt, wordt de nood aan samenwerking steeds groter. Ook de sector van de tuinaanleg verandert aan een snel tempo, vindt Marc Galle, voorzitter van de federatie Groen Groeien. “Iedereen kan zichzelf tuinaannemer noemen, maar er is een groot gebrek aan kennis over technieken en veiligheid. Ik zou graag meer samenwerking tussen tuinaannemers en federaties zien. Onze sector evolueert razendsnel, en om die ontwikkelingen op te volgen, mogen we niet langer bang zijn voor elkaar.“

 

MEER DAN HOVENIERS

Groen Groeien is ontstaan in 2010 als onderdeel van het Algemeen Verbond voor Bloemisten, snijbloemtelers, Boomtelers, tuinaanleggers en groenverzorgers (AVBS), dat op zijn beurt onderdeel is van Boerenbond. Voorzitter Marc Galle: “AVBS bestaat al heel lang, maar enkel in de provincie West-Vlaanderen was er een actieve werking, terwijl het AVBS wel leden had in andere provincies. In 2010 zijn enkele mensen iets nieuws begonnen. Met Groen Groeien proberen we het verenigingsleven in de tuinaanleg te verbeteren, met een actieve werking en communicatie. We sturen nu alles aan in de vijf Vlaamse provincies, en we hebben een algemene vergadering waar iedereen vertegenwoordigd is. Enkelen van ons zijn ook vertegenwoordigd in het Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing (VLAM), anderen volgen het Sociaal Fonds op, nog leden zijn vertegenwoordigd in het Proefcentrum voor Sierteelt (PCS) in Destelbergen. Zo proberen we de tuinaannemer overal een stem te geven.“

Belang van stem

“Die stem is hard nodig. Een tuinaannemer rijdt niet meer zomaar rond met een schop en een aanhangwagen, het is een zeer technisch beroep geworden. Er komt veel administratie bij kijken, en er is veel regelgeving waar de tuinaannemer maar beter een stem in heeft. Onze consulent Jan Vancayzeele heeft bijvoorbeeld het dossier rond duaal leren in de tuinaanleg uit de grond gestampt: erg belangrijk om meer goed opgeleide krachten in de tuinsector te krijgen.
We zijn ook vertegenwoordigd in het Sociaal Fonds voor Parken en Tuinen, een fonds dat bijvoorbeeld opleidingen van werknemers terugbetaalt, maar ook brugpensioenen en ziekteverlof. Verder hebben we inspraak in het Standaardbestek 250, voor de wegenbouw. Als er iets over bomen, planten of tuinen in staat, dan zijn wij aanwezig. Een tijd geleden wilde men enkel nog inheems groen toelaten in openbare aanbestedingen. Dat groen moest dan allemaal over een keuring beschikken, maar de sector is daar nog niet klaar voor. Wij hebben ervoor kunnen zorgen dat dat niet de regel, maar wel een uitzondering is geworden. Bij het VLAM moet er beslist worden over reclamecampagnes, zoals Het Tuinaannemereffect: ook daar zijn we vertegenwoordigd.“

In Sint-Pieters-Kapelle renoveerden Marc en zijn team een visvijver en terras. “Visvijvers zijn niet altijd eenvoudig  te filteren, hier was vroeger een filterbak met uv-lamp aanwezig, nu een lavafilter met bruinkool” (foto Marc Galle)

Platformen

“Momenteel zijn we onze organisatie aan het opsplitsen in nicheplatformen voor zwemvijverbouwers, tuinarchitecten en dak- en gevelbegroeners. De tuinarchitecten zijn de jongste opsplitsing. De zwemvijverbouwers zijn al een paar jaar bezig met een wettelijke definitie van de zwemvijver, om die op termijn ook in openbare zwembaden toe te passen. Dat wil zeggen: zonder chemische middelen en uv-filters. Momenteel zijn alle openbare zwembaden chloorbaden. Dat kon niet anders omdat die wetgeving niet bestond, en wij zijn die wetgeving nu aan het schrijven. Er worden steeds meer zwemvijvers aangelegd, maar een zwemvijver en een zwembad zijn twee totaal verschillende zaken. Een zwembad wordt gebouwd, een zwemvijver wordt aangelegd. Daarvoor moet je verstand hebben van planten, van ecologische evenwichten. Zulke dingen doen wij.“

Informeren

“Ik ben zelf een tuinaannemer en ik doe dit belangeloos, omdat ik vind dat de sector nood heeft aan professionalisering. Als ik een halve dag op een werf zit, dan heb ik veel meer verdiend dan als ik een dag voor Groen Groeien heb gewerkt. Lid zijn van een organisatie is solidair zijn, samenwerken om iedereen te informeren. Er zijn ongelofelijk veel tuinaannemers die niet goed geïnformeerd zijn: over wetgeving, fyto, plantenkennis, materiaalkennis. Velen beginnen als tuinaannemer zonder ook maar de minste opleiding. Een kok die niet meer in het weekend wil werken, koopt een bestelwagen, een aanhangwagen, een spade en hij is tuinaannemer. Tuinaanleg is ook toegankelijk: ze beginnen met hagen scheren en gras maaien, en ze zijn vertrokken. Er is geen officiële erkenning; je hebt zelfs geen bedrijfsbeheer meer nodig om zelfstandige te worden. Dat maakt veel beginners nogal kwetsbaar, en daarom willen wij hen beter informeren: aan welk uurloon moet je werken, wat is noodzakelijk voor je eigen veiligheid? Dat laatste is een stokpaardje van mij. Ik zie nog zoveel tuinaannemers grasmaaiers en bosmaaiers gebruiken zonder oorbescherming of gelaatsbescherming, dat moet anders.“

 

SAMENWERKEN

“Ik zou ook graag meer samenwerking tussen tuinaannemers en tussen federaties zien. Het is de filosofie in alles wat ik doe: het is niet omdat je elkaar beconcurreert, dat je voor cruciale zaken niet met elkaar kunt samenwerken. Ik werk af en toe voor andere tuinaannemers en zij werken soms voor mij. Te veel tuinaannemers zijn nog bang voor elkaar; maar ik zou natuurlijk geen voorzitter zijn als ik jaloers zou zijn op mijn eigen leden. Dat heeft me zeker nog geen windeieren gelegd. Die samenwerkingen blijven plakken bij collega's. Ze bellen mij soms nog jaren nadien op om nieuwe samenwerkingen op te zetten.“

“Deze tuin in Leffinge moest rust brengen. De leibomen zorgen voor een derde dimensie, ook de meerstammige Quercus ilex zorgt voor hoogte in deze tuin” (foto Marc Galle)

EVOLUTIES

Niet meer louter groen

“Onze sector evolueert razendsnel. Veel tuinaannemers zijn steeds meer met grondwerken en stenen bezig, om zo een totaalpakket aan te bieden. Dat moet ook, want ook de bouwaannemers worden groter, en welke bouwaannemer zal zich nog bezighouden met wat muurtjes en paden in de tuin? Als je als tuinaannemer enkel met groen bezig bent, dan moet je je specialiseren in onderhoud, of in heel grote bomen, of enkel planten.“

Omgaan met water

“We zullen ook de manieren moeten herdenken waarop we met water omgaan. We zullen veel meer moeten bufferen en lokaal laten infiltreren, zodat ons grondwater op peil blijft. Een tuin met een eigen waterkringloop heeft veel voordelen voor de mens en voor de natuur, maar er is nog te weinig rond geweten bij de modale tuinaannemer.“

Groen in de stad

“De verstedelijking brengt nieuwe uitdagingen en nieuw werk met zich mee: daktuinen, verticale tuinen, veel meer groen in de stad, als buffer tegen al die warmte-eilanden. We zitten nu nog met een hoop villawijken met tuinen van 600 tot 1.000 m². Die worden minder en minder gemaakt, maar de bestaande moeten wel onderhouden worden. Wij doen heel veel renovaties in die tuinen, van babyboomers die hun keuken en badkamer al gerenoveerd hebben, vervolgens moet die haag eruit en er moet een nieuwe afsluiting komen, een vijvertje ... Dat is nu ons cliënteel, maar de jonge mensen kunnen dat niet betalen. Die gaan naar de stad. Daar zien we meer grote appartementsblokken, waar iedereen samen zit met een gemeenschappelijke tuin errond - beneden heb je misschien een privétuintje, maar daarrond heb je tuinen waar heel veel mensen bij betrokken zijn. Dat is de belangrijkste evolutie voor de tuinaannemer. Wij staan klaar om hem daarbij te ondersteunen.